wegens te slecht weer ginderachter en we bijgevolg naar Nord-Pas-de-Calais trokken. Ambleteuse meerbepaald. Alwaar we arty farty foto’s namen met de Iphomofoon en ik weer eens tot besef kwam dat er geen enkele zee zo lekker ruikt dan de Noordzee en dat ik er veel te weinig naar toe ga.
In november vorig jaar smeten ze met retegoedkope vliegtuigtickets naar NYC naar ons hoofd. En met zo’n dingen moet ge niet smijten natuurlijk. Dan veranderen wij namelijk onmiddellijk in een soort überkeeper. Een combinatie van Jean-Marie Pfaff, Oliver Khan, de Hulk (Oh nee, wacht die laatste twee zijn hetzelfde, mwahaha! *zucht* Voetbalhumor.) en een Shiva-versie van Michel Preud’homme.
Voila. Bij deze heb ik heb ik mijn volledige keeperkennis geëtaleerd. Which I’m sure you all were dying to find out.
Hemmingway, off we went, tweede keer in twee jaar tijd richting the Big Apple! Alwaar we belandden in een hotel waarvan de verwarming op onze kamer meer lawaai maakte dan een bronstige eland met astma. Slik. Maar ‘t is niks! We zijn immers in New York City peoples! En die verhalen over crappy, overpricede hotelkamers, dat klopt allemaal! Ohlala, we are really living the dream, wij!
Drie uur woelen later: de droom neemt intussen nachtmerrieproporties aan. Een middernachtelijke hotelkamerwissel volgt. In pyjama, met gigantische wallen, een barslecht humeur en een ontploft kapsel… Zexy times. Helaas was de man aan de balie niet echt onder de indruk van mijne negligee en troffen we rampetampende Rudolph ook aan in kamer nummer twee. Grmbl!
‘s Ochtends: volledig murw en met een verontrustende zenuwtrek rond het linkeroog opnieuw naar de balie. Daar wisten ze ons te vertellen dat Jezus (de Mexicaanse klusjesman, niet de timmerman uit Galilea) de eland ging repareren. But Jezus was no miracleman bleek en dankzij de zoon van Jorge (spreek uit Horhe) konden we verhuizen naar kamer nummer drie. Geen moose te bespeuren alhier, wifi tot in ons stapelbed (Romantiek! Jawaddedadde!) and ready to hit the town voor een stevige portie cafeïne/theïne en een overdosis suiker @ Starbucks!
over mijn winterdip, die dit jaar bijzonder diep was, waardoor ik november en december depressief, en ostentatief zuchtend doorworstelde;
over mijn huisband-to-be, die hier niet geheel ongevoelig voor was en al eens met zijn ogen draaide omdat ik weer eens aan het zeuren was over de kou, en het donker, en ‘ik kan niet gaan fietsen’, en ‘ik wil zomer’, en ‘Belgie is stom’,… ;
over mijn verjaardag, die aanvankelijk slechts een flauw afkooksel beloofde te worden van die van vorig jaar (verloving + rum + tropisch eiland = tha bomb!), maar uiteindelijk helemaal anders uitdraaide;
over mijn verjaardagscadeau, dat gewoon een bladje papier was, maar wel eentje met de weersvoorspellingen voor volgende week;
over die weersvoorspellingen die gelijk een beetje tegenstrijdig waren met het gigantische pak sneeuw dat buiten lag;
over het ticket naar de zon dat hoorde bij die weersvoorspellingen;
maar vooral over mijn fantastisch lief natuurlijk, die ik alweer niet ga kunnen overtreffen met zijn verjaardagscadeau!
Onder het motto ‘maak uzelf populair bij uw leaf’ nodigde ik mezelf uit op de motorvakantie van mijn huisband-to-be. Ha! Am I the girlfriend from hell or what!
Immers nog steeds in volle voorbereiding van het Stelvio project moest er getraind worden. No better place dan de Vogezen, alwaar ik nu stilletjesaan mijn weg begon te kennen, zodat de beste tochtjes konden worden aangevat en het lijstje ‘cols opgefietst’ verder kon worden aangevuld.
De dagen werden dus doorgebracht op onze respectievelijke tweewielers, de avonden stevig shakend in de plaatselijke discoteca die hier dik gezaaid zijn in de omgeving, druk socializend met de locale caminorijdende jeugd rond de BBQ, rustig keuvelend. Over moto’s. En borsten.
Meanwhile had ik het nichtje van mijn huisband-to-be kunnen overhalen om mee in het Stelvio project (ja hoor, project!) te stappen, en het zinnetje ‘ik heb die week verlof’ was genoeg voor mij om haar mee te sleuren richting Vogezen, voor een heuse trainingsweek! Wahey!
Helaas, deze keer een overvolle camping. Allemaal noorderburen and us! Gesellich! Zo kwamen we op dag twee terug van onze heroïsche (uiteraard) tocht naar La Schlucht, om een volledig circus naast onze tent terug te vinden. Compleet met goats doing tricks, clowns a la Krusty en een twee uur durend orgelconcert.
Hemminway, sportieve grenzen werden verlegd, vuren werden aangestoken (jawel, door twee chica’s), culinaire hoogstandjes werden verorberd in de auto (bloody rain!), records ‘vals zingen onder de douche’ werden aan diggelen gekweeld, uitzonderlijk slechte foto’s werden getrokken met gsm’s, en getetterd, er werd vooral veel getetterd…
En plots had mijn huisband-to-be (notice the change here?) een week vakantie. Wat ik uiteraard niet kon verdragen. Oho no! Maandag dus gaan werken om voor de rest van de week congee payee te vragen. Dinsdag de fietsen en de tent in de auto gesmeten en vertrokken richting Vogezen om voor het eerst een echte col (hoewel kenners dit zouden betwisten) omhoog te peddelen.
Want ik heb een koersfiets nu. Gelijk de echte! In de Tour de France en al! Met een gebogen stuur, dunne bandekens en klikpedalen (schpannend!). Bibi sjeest nu dus elke dag in spandex van en naar het werk, scholieren vervloekend (werkelijk, het is een wonder dat die niet omver vallen, zo traag die fietsen). Bovendien hebben mijn collega’s me er in geluisd en gaan we in september, gelijk het goede wielerterroristen betaamd, een col uit het hooggebergte bedwingen/opkruipen. Dit jaar: de Stelvio. Slik.
Hemmingway, de camping was op twee bejaarde Hollanders en de hond des huizes na verlaten en we hadden het rijk dus nagenoeg voor ons alleen. Met dit (en twee geshockeerde kaaskoppen) als resultaat:
Alvorens weder te keren naar het koude, donkere Belgie maken we nog een tussenstop in San Juan, hoofdstad van Puerto Rico. Kleine, smalle straatjes met kleurige huizen, gezellige restaurants, heerlijk eten, lalalekkere cocktails en alle mannen lijken op Gabriel Rios!
Bovendien slapen we in een poepsjiek hotel dat volhangt met kunst en waar de kamers een eigen badkamer hebben! Da’s eens wat anders dan de buitendouche in Dominica, waarvan het licht niet meer werkte! Hoewel, misschien maar goed ook, want er was ook geen deur.
And then it was my birthday. The first birthday ever, I got to spend wearing only slippers and a bikini! My kind of thing!
So we spend the day at the Portsmouth beach, sunning, reading, swimming, drinking Kubuli,… Nigel gave us a lovely diner, I got my present from my fabulous boyfriend and then we got ENGAGED!
The group of middle aged women who were doing charity work at a few local schools of the Caribs. To us it all felt a little bit too ‘Tintin in the Congo‘, but they meant well I think. Also they were all in love with Barack Obama (some of them even voted for the Democrats!) and couldn’t believe that our main activity on the island was: reading at the beach. After our riad at Barnes & Noble in the Big Apple we held a competition on to how many books we could read during our stay on the island. I won. : D
The German-American couple with whom we went river tubing! She loved diving, he loved his sax (which he played beautifully on our last evening on the island!) and they both loved rum : D. They gave me my first birthday kisses of 2009 and we promised to meet them again in Dominica in 2012 : P.
Nigel, the cook of our guesthouse! The Caribbean kitchen is real pure in its flavours with lots of fresh fish and vegetables. And of course, Kubuli beer and Macoucherie rum : D Nigel also showed us his garden where he grows the fruit and vegetables for the hotel kitchen (I’ve never tasted passion fruit like the ones we got from Nigel! Heaven!).
The group of old ladies on the beach who went all beauty farm, giving each other a scrub, wearing nothing but their underpants. I don’t quite see my grandmother doing that at Knokke-Zoute, but boy, they had fun! They giggled more than a whole class of 14-year old girls watching a Zac Efron movie with a guest appearance of the Jonas Brothers.
The Swedish mum with her little boy, Viggo, who accompanied us on a trip through the jungle and (off course) to the beach. She was stunned when she found out we were such big fans of Stieg Larsson.
The sun burned cruise ship guests who, when released, covered Roseau like a pink swarm of bees, in search for the tackiest present.
The many Rasta people who constantly asked if we had already visited the Indian River. We didn’t, but we said yes anyway.
Dominicans in general are really friendly and laydback, who liked to laugh a lot. I think their life motto is: ‘You all have watches. We have time.’ And that’s not totally intolerable, when you’re on holiday and all…